ECLI:NL:HR:2008:BF0173
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- A.J.A. van Dorst
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toewijzing schadevergoedingsvordering bij verduistering winkelgoederen
De zaak betreft een cassatieberoep van een verdachte die werd veroordeeld voor verduistering van een container met cosmetica, snoepwaren en tabak ter waarde van €3.864,06, eigendom van het winkelbedrijf van de benadeelde partij. Het hof had de schadevergoedingsvordering van de benadeelde partij toegewezen en de schadevergoedingsmaatregel opgelegd.
De verdediging voerde aan dat de schadevergoeding onterecht was toegekend omdat niet duidelijk was of de opgegeven bedragen inkoop- of verkoopprijzen betroffen en dat er onvoldoende bewijs was over de waardebepaling van de goederen. Het hof overwoog echter dat de vordering van eenvoudige aard was en aannemelijk was dat de bedragen de inkoopprijzen betroffen, en dat ook de verkoopprijs als schadevergoeding relevant kon zijn.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof zijn oordeel voldoende had gemotiveerd en dat het oordeel feitelijk niet onbegrijpelijk was. Er was geen aanleiding tot nadere motivering omdat de verdediging geen concrete onjuistheden had aangevoerd over de omvang of waarde van de verduisterde goederen. De Hoge Raad verwierp het beroep en bevestigde de toewijzing van de schadevergoedingsvordering en de oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Verder constateerde de Hoge Raad dat de redelijke termijn van behandeling was overschreden, maar dit had geen rechtsgevolg gezien de aard van de opgelegde straf. Het arrest werd gewezen door de vice-presidenten Koster en Van Dorst en raadsheer Thomassen op 18 november 2008.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de toewijzing van de schadevergoedingsvordering van €3.864,06 wegens verduistering en verwerpt het cassatieberoep.