ECLI:NL:HR:2008:BG0946
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling nietigheid pandovereenkomst en verrekening in faillissementsprocedure
In deze cassatieprocedure staat centraal de geldigheid van een pandovereenkomst met betrekking tot een vordering op Acetra B.V. en de mogelijkheid tot verrekening door eiseres van diverse bedragen in het faillissement van [A] B.V.
De Hoge Raad verwijst naar eerdere arresten, waaronder het arrest van 6 februari 2004, waarin het gerechtshof te 's-Hertogenbosch werd vernietigd en de zaak werd verwezen naar het hof te Arnhem. Na bewijsopname en verdere behandeling heeft het hof de pandovereenkomst nietig verklaard op grond van artikel 42 van Pro de Faillissementswet en vastgesteld dat geen rechtsgeldige verpanding heeft plaatsgevonden van een vordering op Nationale Nederlanden N.V.
Verder heeft het hof geoordeeld dat eiseres zich niet kan beroepen op verrekening met betrekking tot advocaatkosten en heeft zij meerdere bedragen aan de curator te voldoen, vermeerderd met wettelijke rente. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van eiseres en bevestigt het arrest van het hof. De kosten van het cassatiegeding worden aan eiseres opgelegd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.