ECLI:NL:HR:2009:BG4412

Hoge Raad

Datum uitspraak
22 december 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/02511
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Nietig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • F.H. Koster
  • J.P. Balkema
  • W.M.E. Thomassen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 434 Sv
Verwijzingen
4 uitgaand · 11 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Nietigverklaring inleidende dagvaarding wegens onvolledig dossier in cassatie

In deze strafzaak heeft de Hoge Raad het cassatieberoep behandeld tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem. Vanwege het ontbreken van het volledige dossier, waaronder belangrijke bewijsmiddelen die niet meer beschikbaar zijn, kon de Hoge Raad de bestreden uitspraak niet inhoudelijk toetsen.

De Advocaat-Generaal had geconcludeerd tot vernietiging van het arrest, behoudens voor zover het vonnis van de rechtbank was vernietigd, en tot nietigverklaring van de inleidende dagvaarding. De Hoge Raad volgde dit advies en besloot om de zaak om doelmatigheidsredenen zelf af te doen.

De Hoge Raad verklaarde de inleidende dagvaarding nietig, omdat de rechter bij een eventuele verwijzing niet in staat zou zijn om te beslissen op de grondslag van de tenlastelegging zonder het volledige dossier. Dit arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren op 22 december 2009.

Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de inleidende dagvaarding nietig wegens het ontbreken van het volledige dossier.

Uitspraak

22 december 2009
Strafkamer
Nr. 08/02511
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 22 november 1996, nummer 21/001536-94, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1964, ten tijde van de betekening wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. B.J. Schadd, advocaat te Velp, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Knigge heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak behoudens voor zover daarbij het in eerste aanleg gewezen vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Arnhem is vernietigd en tot nietigverklaring van de inleidende dagvaarding.
2. Beoordeling van het middel
2.1. Het middel klaagt dat de bestreden uitspraak niet de inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen bevat.
2.2. Aan de Hoge Raad zijn op de voet van art. 434, eerste lid, Sv alleen toegezonden het verkorte arrest van het Hof, het verkorte proces-verbaal van de terechtzitting van 8 november 1996 en de akte waarbij het cassatieberoep is ingesteld. Op grond van de door de Advocaat-Generaal in diens conclusie verstrekte informatie moet worden aangenomen dat de overige stukken in het ongerede zijn geraakt en niet meer beschikbaar zullen komen.
Dat brengt mee dat de bestreden uitspraak in cassatie niet kan worden getoetst. Zij kan daarom niet in stand blijven. De Hoge Raad zal de zaak om doelmatigheidsredenen zelf afdoen en de inleidende dagvaarding nietig verklaren, aangezien na verwijzing of terugwijzing van de zaak de rechter naar wie de zaak zou worden verwezen of teruggewezen niet in staat zou zijn te beraadslagen en beslissen op de grondslag van de tenlastelegging.
3. Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak, behoudens voor zover daarbij het vonnis van de Rechtbank is vernietigd;
verklaart de inleidende dagvaarding nietig.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren J.P. Balkema en W.M.E. Thomassen, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.J. Verhoeven, en uitgesproken op 22 december 2009.