ECLI:NL:HR:2009:BG9068
Hoge Raad
- Cassatie
- L. Monné
- C.J.J. van Maanen
- C. Schaap
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt navordering belastingpremies ondanks ambtelijk verzuim
Belanghebbende had voor de jaren 2001, 2002 en 2003 premies voor een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule als aftrekpost opgevoerd in zijn aangiften inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen. Na onderzoek stelde de Inspecteur navorderingsaanslagen vast voor 2001 en 2002 en corrigeerde de aanslag over 2003, omdat bleek dat de verzekering niet was aangepast aan de voorwaarden die sinds 2001 gelden voor premieaftrek.
Het hof vernietigde de navorderingsaanslagen over 2001 en 2002, omdat de polis al eerder aan de Inspecteur was toegezonden en dus in het dossier had moeten zitten, waardoor sprake zou zijn van ambtelijk verzuim. De Hoge Raad oordeelt echter dat de Inspecteur bij het vaststellen van de aanslagen uit mag gaan van de juistheid van de door belanghebbende verstrekte gegevens, tenzij er redelijke twijfel bestaat. Het enkele feit dat de polis aanwezig was, was onvoldoende om twijfel te rechtvaardigen.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en bevestigt de uitspraak van de rechtbank dat navordering over 2001 en 2002 terecht is. De zaak wordt niet verder behandeld, omdat de Hoge Raad zelf afdoet. Er worden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat navorderingsaanslagen over 2001 en 2002 terecht zijn opgelegd ondanks het vermeende ambtelijk verzuim.