ECLI:NL:HR:2009:BG9907
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing bezwaren tegen lijst geldelijke regelingen ruilverkaveling Lopikerwaard
In de ruilverkaveling Lopikerwaard heeft de Landinrichtingscommissie de lijst der geldelijke regelingen overeenkomstig artikel 213 van Pro de Landinrichtingswet ter inzage gelegd. Eiser diende bij brieven van december 2004 bezwaar in tegen deze lijst. Na behandeling van de bezwaren door de commissie en de rechter-commissaris, verwees de zaak naar de meervoudige kamer van de rechtbank Utrecht. Op 4 juli 2007 verklaarde de rechtbank de resterende bezwaren van eiser ongegrond.
Eiser stelde hiertegen beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Landinrichtingscommissie verzocht tot verwerping van het beroep. De Advocaat-Generaal adviseerde eveneens tot verwerping. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van eiser niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet noodzakelijk was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt eiser in de kosten van het geding. Het arrest werd gewezen door de vice-president en vier raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 27 februari 2009.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en zijn bezwaren tegen de lijst der geldelijke regelingen worden ongegrond verklaard.