ECLI:NL:HR:2009:BH7356
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- W.A.M. van Schendel
- C.A. Streefkerk
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Huurrechtelijke kwalificatie gebruik halve zolder en douche als onderdeel van woonruimte
In deze zaak staat centraal of het gebruiksrecht van de halve zolderetage, inclusief een doucheruimte, onderdeel uitmaakt van de huurovereenkomst tussen eiseres en verweersters. Eiseres huurt sinds 1985 de tweede etage van een woning en heeft daarnaast feitelijk gebruik gemaakt van de halve zolder, waar zich een douche bevindt.
De kantonrechter oordeelde dat de halve zolder onderdeel was van de huur, maar het hof vernietigde dit oordeel en verklaarde dat het gebruiksrecht geen huur was en derhalve opzegbaar. Het hof baseerde zich vooral op de letterlijke overeenkomst en het ontbreken van ondubbelzinnige overeenstemming over de zolder.
De Hoge Raad stelt dat het hof de uitlegmaatstaf van de huurovereenkomst heeft miskend door niet te onderzoeken of de douche als wezenlijk onderdeel van het woongenot moet worden beschouwd. De Hoge Raad benadrukt dat de zin die partijen redelijkerwijs aan de bepalingen mochten toekennen en hun wederzijdse verwachtingen doorslaggevend zijn. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling.
De Hoge Raad veroordeelt verweersters tevens in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor nadere beoordeling van het huurgenot inclusief de douche op de halve zolder.