ECLI:NL:HR:2009:BH7860
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing cassatie in schadevordering na fraude
Subaru Benelux vorderde bij de rechtbank Rotterdam betaling van aanzienlijke geldbedragen van eiser en aanverwante partijen wegens vermeende fraude. De rechtbank wees de vorderingen toe. Eiser en anderen stelden hoger beroep in tegen dit vonnis. Het gerechtshof 's-Gravenhage vernietigde het vonnis voor zover het de vordering tegen een van de gedaagden betrof wegens faillissement, maar bevestigde het vonnis voor zover het eiser betrof.
Eiser stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat er geen aanleiding was tot nadere motivering, mede gelet op artikel 81 RO Pro. De conclusie van de Advocaat-Generaal strekte tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde eiser in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee bleef het arrest van het hof in stand, waarmee de schadevordering van Subaru tegen eiser werd bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het arrest van het hof.