ECLI:NL:HR:2009:BI0541
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J.P. Balkema
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens onbegrijpelijke bewijsopgave bij medeplegen henneptransport
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor medeplegen van het transport van circa 320 kilogram hasjiesj van Nederland naar Finland in de periode juni-juli 2005. Verdachte had een gedeeltelijke bekentenis afgelegd, waarin hij toegaf betrokken te zijn geweest bij het laden en opslaan van de hasj, maar ontkende organisatorische betrokkenheid bij het regelen van de vrachtwagenchauffeur.
Het hof Arnhem had het feit bewezen verklaard en volstond met een opgave van bewijsmiddelen conform art. 359, derde lid, Sv, omdat het oordeelde dat verdachte het bewezenverklaarde duidelijk en ondubbelzinnig had bekend. De Hoge Raad oordeelt echter dat deze uitleg onbegrijpelijk is, omdat de verklaring van verdachte niet alle onderdelen van het bewezenverklaarde omvatte.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof voor zover het het onder 1 tenlastegelegde betreft en wijst de zaak terug naar het hof Arnhem voor hernieuwde berechting. Het beroep wordt voor het overige verworpen. De uitspraak is gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad op 9 juni 2009.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.