ECLI:NL:HR:2009:BI7322
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dubbele strafbaarheid bij uitlevering vliegtuigmotoren aan Iran
In deze zaak oordeelde de rechtbank Alkmaar dat geen sprake was van dubbele strafbaarheid met betrekking tot de verdenking dat verdachte zonder vergunning vliegtuigmotoren aan Iran had geleverd. De rechtbank baseerde dit op het ontbreken van een algemene Nederlandse strafbaarstelling voor het leveren van dit type motoren in de betreffende periode.
De Hoge Raad herhaalt het toetsingskader voor het verlenen van verlof op grond van artikel 552p, tweede lid, Wetboek van Strafvordering, waarbij het uitgangspunt is dat verzoeken tot rechtshulp op basis van verdragen zoveel mogelijk moeten worden ingewilligd, tenzij er wezenlijke belemmeringen zijn of fundamentele beginselen worden geschonden.
De Hoge Raad stelt vast dat de strafbaarstelling van het zonder vergunning leveren van producten voor tweeërlei gebruik aan Iran, waaronder vliegtuigmotoren, ook in Nederland bestond op grond van Europese regelgeving en nationale uitvoeringsbepalingen. Hierdoor is voldaan aan het vereiste van dubbele strafbaarheid, ook al verschilt de Nederlandse strafbepaling in details van de Duitse.
De Hoge Raad vernietigt daarom de bestreden beschikking van de rechtbank en verleent het gevraagde verlof tot overdracht van de stukken aan de Duitse autoriteiten, onder de voorwaarde dat de stukken na gebruik voor de strafvordering worden teruggezonden. Hiermee wordt het belang van internationale samenwerking in strafzaken benadrukt.
Uitkomst: De Hoge Raad verleent verlof tot overdracht van in beslag genomen stukken aan Duitse autoriteiten wegens dubbele strafbaarheid.