ECLI:NL:HR:2009:BJ2779
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens opzettelijk aangaan van een dubbel huwelijk ondanks bestaand buitenlands huwelijk
De verdachte werd ten laste gelegd dat hij op 24 december 1998 in Nederland een tweede huwelijk aanging terwijl hij reeds gehuwd was volgens Marokkaans recht. Het hof stelde vast dat verdachte op dat moment wist van zijn eerdere huwelijk, bevestigd door notariële akte en vonnis van een Marokkaanse rechtbank.
De Hoge Raad oordeelde dat het wettig gehuwd zijn geen bestanddeel vormt van het delict bigamie zoals omschreven in art. 237 Sr Pro. Het hof had geoordeeld dat verdachte gehuwd was naar Marokkaans recht, een oordeel dat de Hoge Raad niet kan toetsen vanwege art. 79 RO Pro dat geen toetsing van buitenlands recht toelaat.
Het cassatieberoep werd verworpen, maar de Hoge Raad verminderde ambtshalve de opgelegde gevangenisstraf wegens overschrijding van de redelijke termijn. De straf werd met twee maanden en drie weken verminderd. Hiermee werd het beroep van verdachte grotendeels afgewezen.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld voor het opzettelijk aangaan van een dubbel huwelijk en de gevangenisstraf wordt ambtshalve verminderd met twee maanden en drie weken.