ECLI:NL:HR:2009:BJ3528
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt ontnemingsvordering na vrijspraak hennepteelt
In deze zaak stond een betrokkene terecht voor het meermalen handelen in strijd met het opiumwetverbod op hennepteelt. De betrokkene werd in de hoofdzaak vrijgesproken omdat de hennepplanten die in zijn woning waren aangetroffen niet geoogst waren. Desondanks legde het hof op grond van een schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel ontnemingsmaatregelen op, waarbij werd uitgegaan van minimaal één oogst met 164 geoogste hennepplanten.
De Hoge Raad oordeelde dat deze berekening niet begrijpelijk is, omdat de bewezenverklaring in de hoofdzaak alleen betrekking had op niet-geoogste hennepplanten. Het hof had onvoldoende rekening gehouden met de vrijspraak en de feitelijke situatie ter plaatse, zoals de staat van de installatie en de afzettingen die duidden op meerdere oogsten, maar niet op een geoogste partij.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het hof en verwees de zaak terug naar het gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor hernieuwde berechting en beslissing. Hiermee werd bevestigd dat ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel niet kan worden opgelegd op basis van feiten waarvoor de verdachte is vrijgesproken.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en wijst de zaak terug vanwege onterechte ontnemingsvordering na vrijspraak.