ECLI:NL:HR:2009:BJ5114
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- J.W.M. Tijnagel
- M.W.C. Feteris
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak rechtbank wegens onjuiste behandeling beroepschrift in belastingzaak
Belanghebbende, die een restaurant dreef, kreeg navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen opgelegd na een controle waarbij zijn administratie als onbetrouwbaar werd beoordeeld. Na uitspraak op bezwaar handhaafde de inspecteur de aanslagen en verminderde de boetes. Belanghebbendes gemachtigde stuurde een brief waarin werd aangegeven het niet eens te zijn met de uitspraak en mogelijk beroep te zullen instellen.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de beroepstermijn, en het verzet van belanghebbende werd ongegrond verklaard. De Hoge Raad oordeelde dat de brief van 10 januari 2007 als een beroepschrift had moeten worden aangemerkt en door de inspecteur aan de rechtbank had moeten worden doorgezonden.
De Hoge Raad vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het verzet gegrond en bepaalde dat het onderzoek door de rechtbank voortgezet moet worden. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het verzet gegrond, waardoor het onderzoek door de rechtbank wordt voortgezet.