ECLI:NL:HR:2009:BJ7832
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- E.J. Numann
- A. Hammerstein
- W.A.M. van Schendel
- C.A. Streefkerk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over regresrecht ziekenfonds bij arbeidsongeval en bewuste roekeloosheid werkgever
In deze zaak gaat het om de vraag of het ziekenfonds Zorg en Zekerheid regres kan nemen op [eiseres], de werkgever van [betrokkene 1], die ernstig gewond raakte bij een arbeidsongeval met een carrouselsnijmachine. De werkgever was aansprakelijk op grond van artikel 7:658 BW Pro, maar het regresrecht van het ziekenfonds op grond van artikel 83c Zfw vereist opzet of bewuste roekeloosheid van de werkgever.
De rechtbank en het hof hadden geoordeeld dat de werkgever zich schuldig had gemaakt aan bewuste roekeloosheid door het toestaan van gevaarlijke werkwijzen zonder doeltreffende veiligheidsmaatregelen, ondanks waarschuwingen op de machine. De Hoge Raad stelt dat het arbeidsongeval in overwegende mate het gevolg moet zijn van een falende organisatie die als opzet of bewuste roekeloosheid kan worden aangemerkt. Tevens moet het handelen van de leidinggevende die de gedragslijn bepaalde, worden toegerekend aan de werkgever, waarbij de positie van die leidinggevende binnen de onderneming van belang is.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof zijn oordeel onvoldoende heeft gemotiveerd, met name over de vraag of de positie van de chef van de snijafdeling gelijkgesteld kan worden aan die van de werkgever. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing. De kosten van het cassatiegeding worden aan Zorg en Zekerheid opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor nadere beoordeling over de bewuste roekeloosheid en toerekening aan de werkgever.