ECLI:NL:HR:2010:BH9188
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- P.M.F. van Loon
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat inkomsten uit terbeschikkingstelling van huwelijksgoederen aan één echtgenoot toekomen
In deze zaak heeft belanghebbende voor het jaar 2003 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd gekregen. Na bezwaar werd deze aanslag gehandhaafd door de Inspecteur, maar belanghebbende ging in beroep bij de Rechtbank Haarlem. De Rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de Inspecteur en verminderde de aanslag.
De Staatssecretaris van Financiën stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen deze uitspraak. De Hoge Raad heeft het cassatieberoep behandeld en overwogen dat het resultaat uit terbeschikkingstelling van tot de huwelijksgemeenschap behorende goederen slechts wordt genoten door de bestuursbevoegde echtgenoot. Het middel van de Staatssecretaris faalde op grond van een eerder arrest (nummer 08/03923) dat aan dit arrest was gehecht.
De Hoge Raad verklaarde het beroep in cassatie ongegrond en legde geen proceskosten op. Het arrest werd op 15 januari 2010 in het openbaar uitgesproken door de vice-president en raadsheren, waarbij tevens een griffierecht werd geheven van €447.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën wordt ongegrond verklaard.