Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2010:BK2667

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 januari 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/01981
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad vernietigt arrest hof wegens onvoldoende motivering afwijzing verzoek opvragen IND-dossier

De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage. Het hof had een verzoek van de raadsman tot het opvragen van het vreemdelingendossier van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) afgewezen zonder deze beslissing voldoende te motiveren.

De raadsman had verzocht om aanhouding van de zaak om het IND-dossier te kunnen opvragen, omdat inzicht in dit dossier van belang werd geacht voor de verdediging. Het hof wees dit verzoek af zonder nadere motivering, terwijl de advocaat-generaal zich tegen aanhouding verzette en stelde dat het dossier reeds door de raadsman zelf kon worden opgevraagd.

De Hoge Raad oordeelt dat het ontbreken van een motivering van het hof het onmogelijk maakt om in cassatie te beoordelen of het hof de juiste maatstaf heeft gehanteerd bij de afwijzing van het verzoek. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en wijst de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling en afdoening van het hoger beroep op basis van het bestaande dossier.

Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.

Uitspraak

12 januari 2010
Strafkamer
Nr. 08/01981
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage, Enkelvoudige Kamer, van 29 april 2008, nummer 22/004438-07, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1967, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Utrecht, locatie Nieuwegein" te Nieuwegein.
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. N. van Schaik, advocaat te Utrecht, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Vegter heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en terugwijzing naar het Hof teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.
2. Beoordeling van het derde middel
2.1. Het middel klaagt onder meer dat het Hof de afwijzing van een verzoek tot het opvragen van het IND-dossier niet naar behoren heeft gemotiveerd.
2.2. Het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van 29 april 2008 houdt het volgende in:
"De voorzitter geeft aan dat door de advocaat-generaal een brief aan het hof en de raadsman is toegezonden van de Immigratie- en Naturalisatiedienst d.d. 14 april 2008.
De raadsman verzoekt om aanhouding van de behandeling van de zaak, opdat het vreemdelingendossier van de IND betreffende de verdachte kan worden opgevraagd. De raadsman acht het in het belang van de verdediging om inzicht te krijgen hoe de brief van de IND d.d. 14 april 2008 tot stand is gekomen.
De advocaat-generaal verzet zich tegen aanhouding. Niet alleen is er geen noodzaak tot het opvragen van dat dossier, maar de raadsman had ook reeds zelf het dossier bij de IND op kunnen vragen.
De raadsman deelt mede dat de behandeling van de zaak ter terechtzitting van 27 maart 2008 onder andere is aangehouden opdat het IND-dossier aan het proces-verbaal zou worden toegevoegd.
De voorzitter constateert dat op de terechtzitting van 27 maart 2008 geen opdracht is gegeven tot het opvragen van het IND-dossier en wijst het aanhoudingsverzoek af."
2.3. Het Hof heeft de afwijzing van het verzoek tot het opvragen van het IND-dossier niet gemotiveerd zodat in cassatie niet kan worden beoordeeld of het Hof bij die afwijzing de juiste maatstaf heeft gehanteerd. Voor zover het middel daarover klaagt, is het terecht voorgesteld.
3. Slotsom
Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, de middelen voor het overige geen bespreking behoeven en als volgt moet worden beslist.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en M.A. Loth, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.J. Verhoeven, en uitgesproken op 12 januari 2010.