ECLI:NL:HR:2010:BK3167
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- E.N. Punt
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak over motorrijtuigenbelasting bezwaar
Belanghebbende heeft voor de periode van 20 september 2005 tot en met 19 juni 2006 motorrijtuigenbelasting betaald en hiertegen bezwaar gemaakt. Dit bezwaar werd door de Inspecteur afgewezen. De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond, en het Hof Arnhem bevestigde deze uitspraak in hoger beroep.
Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad en formuleerde twee middelen. De Advocaat-Generaal concludeerde tot gegrondverklaring van het cassatieberoep, vernietiging van het arrest van het Hof en verwijzing naar een ander gerechtshof. Na schriftelijke reacties van partijen heeft de Hoge Raad het cassatieberoep echter ongegrond verklaard, waarbij de middelen faalden op dezelfde gronden als in een gelijktijdig arrest.
De Hoge Raad achtte geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten en bevestigde daarmee het oordeel van het Hof. Het arrest werd uitgesproken op 10 september 2010 door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Hof Arnhem bevestigd.