ECLI:NL:HR:2010:BK7077
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J.P. Balkema
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep wegens correcte proces-verbaal raadkameronderzoek
In deze zaak heeft de klager beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking van het Gerechtshof te 's-Gravenhage. Het geschil betrof de vraag of het proces-verbaal van het raadkameronderzoek voldeed aan de eisen van artikel 25 van Pro het Wetboek van Strafvordering (Sv).
De klager stelde dat het proces-verbaal niet de inhoud bevatte van hetgeen door zijn raadsman was aangevoerd, waarmee volgens hem art. 25 Sv Pro was geschonden. De Hoge Raad heeft overwogen dat het proces-verbaal niet hoeft te bevatten dat de raadsman heeft verlangd dat een opgave in eigen woorden wordt opgenomen, zoals bedoeld in het tweede lid van art. 25 Sv Pro.
Het proces-verbaal voldeed aan het eerste lid van art. 25 Sv Pro, waarin wordt vereist dat de zakelijke inhoud van de afgelegde verklaringen en van hetgeen verder bij het onderzoek is voorgevallen wordt opgenomen. De Hoge Raad verwierp het middel en het beroep in cassatie, en oordeelde dat het middel niet tot cassatie kon leiden zonder nadere motivering.
De beschikking is gegeven door de vice-president en vier raadsheren in raadkamer en uitgesproken ter openbare terechtzitting op 30 maart 2010.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen omdat het proces-verbaal van het raadkameronderzoek voldoet aan de wettelijke eisen.