ECLI:NL:HR:2010:BN4319
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt bewezenverklaring MDMA-bezit en wijst zaak terug naar hof
Verdachte werd door het hof veroordeeld voor het opzettelijk aanwezig hebben van diverse verdovende middelen, waaronder heroïne, cocaïne, amfetamine en ongeveer 25 tabletten met MDMA, aangetroffen in zijn woning te Eindhoven op 29 januari 2007.
De bewijsvoering bestond uit politieprocessen-verbaal, forensisch onderzoek door het NFI en verklaringen van verdachte. Verdachte ontkende kennis van de aanwezigheid van de drugs, stelde dat anderen toegang hadden tot zijn woning en dat hij zelf vanwege gezondheidsproblemen nauwelijks buiten kwam.
Het hof achtte de verklaring van verdachte ongeloofwaardig en concludeerde dat hij op de hoogte was van de drugs. De advocaat-generaal adviseerde vernietiging van het arrest voor zover het de bewezenverklaring van het bezit van MDMA betreft.
De Hoge Raad oordeelt dat de bewezenverklaring omtrent de MDMA-tabletten niet voldoende is onderbouwd en vernietigt dit onderdeel van het arrest. De zaak wordt terugverwezen naar het hof voor hernieuwde beoordeling van dit onderdeel, terwijl het beroep voor het overige wordt verworpen.
Uitkomst: De bewezenverklaring van het bezit van MDMA-tabletten wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar het hof.