ECLI:NL:HR:2010:BN7207
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-aftrekbaarheid last optierechten preferente aandelen als loon
Belanghebbende, een vennootschap, kende in 2002 optierechten toe aan haar directeuren op preferente aandelen. Deze optierechten werden door de werknemers aanvaard en er werd gekozen voor heffing van loonbelasting bij uitoefening van de opties in plaats van bij toekenning.
Bij de aangifte vennootschapsbelasting nam belanghebbende een last van €5.000.000 op vanwege deze optierechten, maar de Inspecteur accepteerde deze last niet. Zowel de Rechtbank als het Hof verklaarden het beroep van belanghebbende ongegrond en bevestigden dat de last niet aftrekbaar was.
De Hoge Raad overwoog dat de toekenning van optierechten geen voordeel voor de werknemers oplevert dat als loon in de zin van artikel 10 Wet Pro LB 1964 kan worden aangemerkt. Hierdoor kan de last niet in aftrek worden gebracht op grond van artikel 9, lid 1, aanhef en letter h, Wet Vpb 1969. Het cassatieberoep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de niet-aftrekbaarheid van de last op optierechten wordt bevestigd.