ECLI:NL:HR:2011:BO4404
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- E.N. Punt
- J.A.C.A. Overgaauw
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Geen recht op aftrek omzetbelasting bij intracommunautaire verwerving in lidstaat registratie
Deze zaak betreft een geschil over de aftrek van omzetbelasting bij intracommunautaire verwervingen binnen de Europese Unie. Belanghebbende, de fiscale eenheid Facet B.V./Facet Trading B.V., voerde aan recht te hebben op aftrek van omzetbelasting die in een eerdere fase op een intracommunautaire verwerving rustte. Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft in een prejudiciële uitspraak van 22 april 2010 geoordeeld dat de belastingplichtige in een dergelijke situatie geen recht heeft op onmiddellijke aftrek van die belasting.
De Hoge Raad heeft het hofarrest vernietigd voor zover het betrekking heeft op de naheffingsaanslag omzetbelasting, met uitzondering van de boetebeschikking, het griffierecht en de proceskosten. De Hoge Raad volgt daarmee de uitleg van het Hof van Justitie en oordeelt dat de door belanghebbende verschuldigde omzetbelasting niet voor aftrek in aanmerking komt. Het incidentele cassatiemiddel betreffende de proceskostenveroordeling wordt verworpen.
De zaak is daarmee afgedaan zonder veroordeling in proceskosten. Dit arrest bevestigt de restrictieve uitleg van het recht op aftrek van omzetbelasting bij intracommunautaire verwervingen en verduidelijkt de toepassing van de Wet op de omzetbelasting 1968 in samenhang met de Zesde richtlijn.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en verklaart het beroep van belanghebbende ongegrond, waardoor geen recht op aftrek van omzetbelasting wordt toegekend.