ECLI:NL:HR:2011:BO6702
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J.M. Corstens
- B.C. de Savornin Lohman
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toepassing LOVS-oriëntatiepunten bij straftoemeting drugskoerier Schiphol
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin verdachte werd veroordeeld voor het opzettelijk invoeren van 4013,7 gram cocaïne via Schiphol. De verdediging betoogde dat de LOVS-oriëntatiepunten niet met terugwerkende kracht mochten worden toegepast en dat de straf te hoog was gezien persoonlijke omstandigheden van de verdachte.
Het hof had de LOVS-oriëntatiepunten sinds 4 november 2008 toegepast, ondanks dat deze oorspronkelijk niet voor Schipholzaken bestemd waren, met het oog op rechtsgelijkheid. Het hof oordeelde dat verdachte in de standaardcategorie viel en dat geen bijzondere omstandigheden tot strafvermindering leidden. De rechtbank Haarlem had 25 maanden gevangenisstraf opgelegd, het hof 36 maanden.
De Hoge Raad oordeelt dat de LOVS-oriëntatiepunten geen formele of materiële wetgeving zijn en dat het hof deze richtlijnen mag toepassen zonder dat sprake is van strijd met het verbod van terugwerkende kracht zoals bedoeld in art. 7 EVRM Pro en art. 15 IVBPR Pro. Wel is de redelijke termijn overschreden, waardoor de straf wordt verminderd tot 34 maanden. Het beroep wordt verder verworpen.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot 34 maanden wegens overschrijding van de redelijke termijn; toepassing LOVS-oriëntatiepunten is geoorloofd.