ECLI:NL:HR:2011:BT2572
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt strafoplegging wegens onjuiste verwerking ad informandum feiten bij treinreizen zonder geldig vervoerbewijs
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem waarin verdachte werd veroordeeld voor vijf feiten van het gebruik van openbaar vervoer zonder geldig vervoerbewijs. Daarnaast waren vijftien ad informandum gevoegde feiten toegevoegd, waarvan het hof aannam dat verdachte deze had erkend door te verklaren 'ik heb geen verklaring'.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte bij de strafoplegging rekening heeft gehouden met deze ad informandum gevoegde feiten. De verklaring 'ik heb geen verklaring' kan niet zonder meer worden opgevat als een erkenning van schuld. Tevens stelt de Hoge Raad de voorwaarden vast waaronder niet tenlastegelegde feiten als strafverzwarende omstandigheden kunnen worden meegewogen.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging en verwijst de zaak terug naar het hof te Leeuwarden voor hernieuwde berechting van de straf. Het beroep wordt voor het overige verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de strafoplegging en verwijst de zaak terug voor hernieuwde berechting.