ECLI:NL:HR:2012:BU6936
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Y. Buruma
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens grondslagverlating bij belemmering opsporingsambtenaren
Op 13 december 2007 werd betrokkene aangehouden door politieambtenaren in Kerkrade wegens een openstaande boete of inneming van het rijbewijs. Verdachte, de broer van betrokkene, belemmerde de opsporingsambtenaren door hen herhaaldelijk fysiek te benaderen en te duwen.
Het hof verklaarde verdachte schuldig aan het opzettelijk belemmeren van de opsporingsambtenaren bij hun handelingen, onder verwijzing naar artikel 184, eerste lid, Wetboek van Strafrecht. Echter, het hof sprak verdachte deels vrij omdat niet kon worden vastgesteld dat de aanhouding van betrokkene plaatsvond ter uitvoering van een wettelijk voorschrift.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof de grondslag van de tenlastelegging had verlaten door het feit bewezen te verklaren zonder uit te drukken dat de handelingen van de opsporingsambtenaren ter uitvoering van een wettelijk voorschrift waren ondernomen. Hierdoor werd het arrest vernietigd en werd de zaak terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting.
De Hoge Raad bevestigde dat voor strafbaarheid op grond van artikel 184 Sr Pro vereist is dat de ambtelijke handelingen ter uitvoering van een wettelijk voorschrift zijn verricht. De beslissing tot vernietiging en terugwijzing betreft uitsluitend het onderdeel van de tenlastelegging en de strafoplegging.
Het arrest werd gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad op 7 februari 2012.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens grondslagverlating en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.