ECLI:NL:HR:2012:BV1800
Hoge Raad
- Cassatie
- W.A.M. van Schendel
- B.C. de Savornin Lohman
- H.A.G. Splinter-van Kan
- J. Wortel
- N. Jörg
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over bewijsuitsluiting van onrechtmatig verkregen ANPR-gegevens
In deze zaak stond de rechtmatigheid van het gebruik van Automatic Number Plate Recognition (ANPR)-gegevens centraal. Het hof had deze gegevens uitgesloten van bewijs omdat zij onrechtmatig waren verkregen, mede omdat deze gegevens aanleiding waren voor verdere opsporingsmaatregelen. Het hof sprak de verdachte vrij van de autodiefstal ten laste gelegd onder feiten 1 tot en met 21.
De Hoge Raad herhaalt dat bewijsuitsluiting alleen aan de orde is bij een ernstig vormverzuim waarbij een belangrijk strafvorderlijk voorschrift of rechtsbeginsel in aanzienlijke mate is geschonden. Een schending van het recht op privacy (art. 8 EVRM Pro) leidt niet automatisch tot een schending van het recht op een eerlijk proces (art. 6 EVRM Pro). Het hof had onvoldoende gemotiveerd dat door de bewijsgaring een belangrijk strafvorderlijk voorschrift in aanzienlijke mate was geschonden.
De Hoge Raad constateert dat het hof terecht een vormverzuim aannam, maar dat het oordeel over nadeel en ernst van de schending onjuist was. Ook is van belang dat de parlementaire stukken waarop het hof zich baseerde dateren uit 2010, terwijl de feiten uit 2008-2009 stammen, toen de wettelijke kaders nog onduidelijk waren.
De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak terug naar het Gerechtshof te Leeuwarden voor hernieuwde berechting. Het arrest benadrukt de noodzaak van een zorgvuldige belangenafweging bij bewijsuitsluiting en de wettelijke grondslag voor het gebruik van ANPR-gegevens.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.