ECLI:NL:HR:2012:BV3270
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- A.H.T. Heisterkamp
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling woonfunctie en woondoeleinden van onroerende zaken voor personen met verstandelijke beperking
Belanghebbende, eigenaar en gebruiker van onroerende zaken die woonvormen bieden aan personen met een verstandelijke beperking, kreeg aanslagen in de onroerendezaakbelastingen opgelegd door de gemeente Nijmegen. De Rechtbank Arnhem verklaarde de beroepen gegrond en vernietigde de aanslagen deels. Het Hof Arnhem bevestigde dit oordeel en kwalificeerde de eigen kamers van bewoners als woning of volledig dienstbaar aan woondoeleinden, met een dominante woonfunctie boven de zorgfunctie.
De Hoge Raad oordeelt dat het Hof terecht de eigen kamers als woondelen heeft aangemerkt, ook zonder volledige zelfstandigheid of afsluitbaarheid. Echter, het Hof heeft onvoldoende gemotiveerd of de gezamenlijke huiskamers, badkamers en tuinen als woondelen moeten worden beschouwd en hoe de waarde daarvan moet worden toegerekend. Dit leidt tot vernietiging van het arrest en verwijzing naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch voor nadere beoordeling van welke delen van de onroerende zaken tot woning dienen en de waardebepaling daarvan.
De Hoge Raad benadrukt dat de tuinen in principe dienstbaar zijn aan de opstal en dat de vraag of de onroerende zaak in hoofdzaak tot woning dient, afhankelijk is van de waardeverdeling van de woondelen. Tevens moet het verwijzingshof het beroep op het vertrouwensbeginsel beoordelen indien de woondelen minder dan 70 procent van de waarde vertegenwoordigen. De proceskosten worden niet toegewezen door de Hoge Raad, maar het verwijzingshof zal hierover beslissen.
Uitkomst: Het arrest van het Hof Arnhem wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch voor nadere beoordeling van de woonfunctie en waardebepaling van delen van de onroerende zaken.