ECLI:NL:HR:2012:BV7082
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- Y. Buruma
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over overschrijding redelijke termijn in cassatieprocedure
In deze zaak heeft de verdachte cassatieberoep ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam. Het middel klaagde over de overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6, eerste lid, EVRM, vanwege het te laat inzenden van stukken door het hof.
De Hoge Raad heeft beoordeeld dat de totale duur van de cassatieprocedure binnen veertien maanden na het instellen van het beroep is afgerond. Hierdoor wordt de overschrijding van de inzendtermijn in voldoende mate gecompenseerd. De klacht over de overschrijding van de redelijke termijn faalt daarom.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep verworpen en daarmee bevestigd dat de redelijke termijn niet is overschreden. Dit arrest is gewezen door de vice-president van Dorst, en de raadsheren de Hullu en Buruma, en uitgesproken op 28 februari 2012.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen omdat de overschrijding van de inzendtermijn voldoende is gecompenseerd.