ECLI:NL:HR:2012:BW4005
Hoge Raad
- Cassatie
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- C.E. Drion
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Beoordeling periodiek verrekenbeding tijdens huwelijk in cassatie
In deze zaak stond de vraag centraal of een periodiek verrekenbeding reeds tijdens het huwelijk was nagekomen. De man, woonachtig in het Verenigd Koninkrijk, stelde cassatieberoep in tegen de arresten van het gerechtshof Arnhem, die eerder de naleving van het verrekenbeding hadden beoordeeld. De vrouw was in cassatie niet verschenen.
De Hoge Raad verwees naar de eerdere vonnissen van de rechtbank Arnhem en de arresten van het hof Arnhem, die aan dit arrest waren gehecht. De advocaat-generaal adviseerde het beroep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten geen aanleiding gaven tot cassatie, mede omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
Het arrest werd gewezen door de raadsheren Bakels, Asser en Drion en in het openbaar uitgesproken door Van Oven op 15 juni 2012. De kosten van het cassatiegeding werden door partijen ieder voor eigen rekening gedragen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de man wordt verworpen en het arrest van het hof Arnhem bevestigd.