ECLI:NL:HR:2012:BW6181
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- W.F. Groos
- J. Wortel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens onvoldoende motivering vrijspraak bedreiging Wilders
De zaak betreft een verdachte die werd beschuldigd van bedreiging van Geert Wilders met een misdrijf tegen het leven gericht, via een raptekst en een videoclip op internet. Het hof sprak de verdachte vrij omdat het niet kon vaststellen dat de rap en de context daarvan bij Wilders de redelijke vrees voor zijn leven konden oproepen.
De aangever had aangifte gedaan na het beluisteren van een videoclip waarin naast de raptekst ook geluiden van pistoolschoten te horen zouden zijn. De verdachte ontkende betrokkenheid bij die videoclip en stelde dat hij geen intentie had om te bedreigen, maar slechts zijn gevoelens wilde uiten.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof weliswaar het juiste juridische kader hanteerde, maar zijn motivering onvoldoende was. Met name was onduidelijk waarom de tekst alleen onvoldoende bewijs zou zijn en hoe de context werd meegewogen. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling op het bestaande hoger beroep.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting wegens onvoldoende motivering.