ECLI:NL:HR:2012:BW8344
Hoge Raad
- Cassatie
- J.A.C.A. Overgaauw
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- C.H.W.M. Sterk
- P.M.F. van Loon
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing inzake onzakelijke uitgaven vennootschapsbelasting 2002
Belanghebbende, een houdstervennootschap, had voor 2002 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd gekregen die na bezwaar door de rechtbank Arnhem werd verminderd. Het hof Arnhem vernietigde deze uitspraak en verklaarde het beroep ongegrond, waarbij het oordeelde dat betalingen gedaan door een aandeelhouder niet voor rekening en risico van belanghebbende waren en dus niet aftrekbaar als zakelijke uitgaven.
Belanghebbende stelde in cassatie dat het hof onterecht de bewijslast had gelegd en onvoldoende rekening had gehouden met verklaringen van aandeelhouders die stelden dat de transacties bedoeld waren om de omzet van de horecagroothandel te vergroten. Ook was het hof tekortgeschoten in de procesorde door een bewijsaanbod ter zitting af te wijzen zonder goede motivering.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom het bewijsaanbod werd afgewezen en dat de bewijslast correct was gelegd. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak naar het hof 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling met inachtneming van het arrest. Tevens werden proceskosten en griffierecht aan de zijde van belanghebbende toegewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt gegrond verklaard, het arrest van het hof vernietigd en de zaak verwezen naar het hof 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling.