ECLI:NL:HR:2012:BY2661
Hoge Raad
- Cassatie
- J.A.C.A. Overgaauw
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- E.N. Punt
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over teruggaaf onterechte omzetbelasting en verwijst zaak terug
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over 1996, die na bezwaar werd verminderd. Het hof verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de aanslag en uitspraak van de Inspecteur. De Staatssecretaris stelde cassatie in. De Hoge Raad stelde vragen aan het Hof van Justitie EU over de voorwaarden voor teruggaaf van ten onrechte gefactureerde btw.
Het Hof van Justitie oordeelde dat teruggaaf alleen is toegestaan als zonder vergoeding geen ongerechtvaardigde verrijking ontstaat. Het hof had echter onvoldoende onderzocht wat belanghebbende met de afnemer was overeengekomen over de btw en hoe de facturen en btw in de relatie functioneerden.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof een onjuiste maatstaf heeft gehanteerd en onvoldoende feiten heeft onderzocht. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor een nieuwe beoordeling van de vraag of en in hoeverre belanghebbende ongerechtvaardigd is verrijkt door de teruggaaf.
Het incidentele beroep van belanghebbende behoeft geen behandeling, en er worden geen proceskosten opgelegd. Het arrest is gewezen door vijf raadsheren onder voorzitterschap van de vice-president.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor nader onderzoek naar ongerechtvaardigde verrijking door teruggaaf van omzetbelasting.