ECLI:NL:HR:2013:BY5706
Hoge Raad
- Cassatie
- W.A.M. van Schendel
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Y. Buruma
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens ontbreken cautie bij verhoor jeugdige verdachte
In deze jeugdzaak stond de verdachte terecht voor het openlijk in vereniging plegen van geweld door het aanbrengen van graffiti op een muur te Zoetermeer. Tijdens het voorbereidend onderzoek werd een verhoor afgenomen waarbij de verdachte niet werd geïnformeerd over zijn recht om te zwijgen, zoals voorgeschreven in art. 29 lid 2 Sv Pro. Dit vormverzuim leidde tot discussie over de bewijswaardering van de verklaring van de verdachte.
De verdediging voerde aan dat het gesprek met de politie, waarbij de verdachte een 'tag' op papier zette, zonder aanwezigheid van raadsman of ouder en zonder cautie, onherstelbaar vormverzuim opleverde en dat het bewijs daarom uitgesloten moest worden. Het hof gebruikte deze verklaring en het daarop gebaseerde bewijs echter wel.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof de verklaring van de verdachte slechts tot bewijs mocht gebruiken indien het had vastgesteld dat de cautie wel was gegeven of dat het ontbreken daarvan de verdediging van de verdachte niet had geschaad. Omdat het hof hierover niets had vastgesteld, was de bewezenverklaring onvoldoende gemotiveerd en moest het arrest worden vernietigd en de zaak worden terugverwezen voor hernieuwde behandeling in hoger beroep.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling wegens het ontbreken van de verplichte cautie bij het verhoor.