ECLI:NL:HR:2013:BY6113
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt verwerping cassatie in onteigeningszaak over minnelijke verkrijging
In deze zaak stond de vraag centraal of aan de vereisten voor een behoorlijke poging tot minnelijke verkrijging was voldaan in het kader van een onteigeningsprocedure. Eiser, wonende te een woonplaats, had beroep in cassatie ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Roermond van 22 februari 2012, waarin de gemeente Peel en Maas als verweerder werd betrokken.
De Hoge Raad verwijst naar de eerdere vonnissen in deze zaak en stelt vast dat de klachten van eiser niet leiden tot cassatie. De klachten behoeven geen nadere motivering omdat zij niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling leiden, conform artikel 81 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
De conclusie van de Advocaat-Generaal strekte tot verwerping van het beroep, waarop de Hoge Raad het beroep van eiser heeft verworpen en eiser heeft veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. De uitspraak werd gedaan door raadsheer M.A. Loth op 8 februari 2013.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en eiser wordt veroordeeld in de kosten van het geding.