Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 18 december 2014, waarin het hoger beroep tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland over de aanslag rioolheffing 2012 werd behandeld.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten van belanghebbende onderzocht en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Er was geen aanleiding om rechtsvragen te beantwoorden die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling, zodat nadere motivering achterwege kon blijven.
Daarnaast heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen aan een van de partijen. Het beroep in cassatie is daarom ongegrond verklaard, waarmee de uitspraak van het gerechtshof definitief is bevestigd.
De uitspraak werd gedaan door raadsheren C. Schaap (voorzitter), M.A. Fierstra en J. Wortel op 9 oktober 2015.