Uitspraak
de Staatssecretaris van Financiëntegen de uitspraak van het
Gerechtshof Arnhem-Leeuwardenvan 3 februari 2015, nrs. 13/00748 t/m 13/00760, op het hoger beroep van de
erfgenamen van [X], gewoond hebbende te
[Z],(hierna: belanghebbenden) tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 6 juni 2013, nrs. AWB 11/1635, 11/1636, 11/3379, 11/3382 t/m 11/3385, 11/3387, 11/3389, 11/3392 en 11/3394 t/m 11/3396, betreffende aan de erflater over de jaren 1997 en 1999 tot en met 2007 opgelegde navorderingsaanslagen in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (hierna IB/PVV), de voor het jaar 2008 opgelegde aanslag IB/PVV, de over de jaren 1998 en 2000 opgelegde navorderingsaanslagen vermogensbelasting (hierna: VB) en de daarbij gegeven beschikkingen inzake heffingsrente. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.