Uitspraak
1.Geding in cassatie
3.Beoordeling van het tweede middel
4.Slotsom
5.Beslissing
14 juni 2016.
Hoge Raad
Op 16 februari 2011 werd in een woning te Mariahout een nepvuurwapen, een pepperspray-wapen en 100 patronen munitie aangetroffen. Verdachte en een medeverdachte werden aangehouden. Het hof oordeelde dat verdachte de wapens en munitie voorhanden had en zich bewust was van hun aanwezigheid, mede omdat zij geen redelijke verklaring gaf voor het aantreffen ervan.
De Hoge Raad bevestigde dat het hof niet onbegrijpelijk oordeelde dat verdachte de wapens en munitie voorhanden had, gelet op de plaatsing in privédomeinen zoals een kluis, keukentafel en zolder. Verdachte werd vrijgesproken van medeplegen wegens onvoldoende bewijs.
Verder stelde de Hoge Raad vast dat de redelijke termijn in cassatie was overschreden door late aanlevering van stukken door het hof, wat leidde tot vermindering van de opgelegde geldboete van €1000 naar €950 en vermindering van de vervangende hechtenis van 20 naar 19 dagen.
De Hoge Raad vernietigde het bestreden arrest uitsluitend voor de hoogte van de geldboete en duur van de hechtenis en verwierp het beroep voor het overige. De zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling in hoger beroep.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt voorhanden hebben wapens en munitie, vermindert geldboete en hechtenis wegens termijnoverschrijding.