Uitspraak
gevestigd te Bertrange, Luxemburg,
gevestigd te Amsterdam,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel in het principale beroep
4.Beslissing
23 september 2016.
Hoge Raad
In deze zaak stond een geschil centraal tussen Luxembourg Designs S.A. en Habitat Holding B.V. over de niet-nakoming van een franchiseovereenkomst en de toekenning van schadevergoeding, waarbij ook de toepassing van voordeelstoerekening aan de orde was. Het gerechtshof Amsterdam had eerder een arrest gewezen dat in deze cassatieprocedure werd aangevochten.
Luxembourg Designs S.A. stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het gerechtshof, terwijl Habitat Holding B.V. een voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep instelde. Beide partijen concludeerden tot verwerping van elkaars beroep. De Advocaat-Generaal adviseerde eveneens tot verwerping van het principale beroep.
De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet noodzakelijk was, aangezien de klachten geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling opriepen. Het voorwaardelijk incidentele beroep werd daarom niet behandeld. De Hoge Raad veroordeelde Luxembourg in de kosten van het cassatiegeding.
Het arrest werd gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken door een raadsheer op 23 september 2016.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Luxembourg Designs S.A. wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof Amsterdam bekrachtigd.