Uitspraak
gevestigd te Haarlem,
gevestigd te Hilversum,
1.Het geding in feitelijke instantie
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
25 november 2016.
Hoge Raad
De zaak betreft een geschil tussen Pretium B.V. en Omroepvereniging BNN-VARA over de vraag of een aflevering van het tv-programma 'Kassa' onrechtmatig jegens Pretium was. De rechtbank Amsterdam en het gerechtshof Amsterdam hebben eerder uitspraak gedaan, waarbij het hof het oordeel van de rechtbank bevestigde.
Pretium stelde dat de uitzending onrechtmatig was en vorderde schadevergoeding. Het hof verwierp deze vorderingen. Pretium stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad verwijst naar de eerdere vonnissen en het arrest van het hof en overweegt dat de klachten van Pretium niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad oordeelt dat het cassatieberoep niet ontvankelijk is en dat geen nadere motivering nodig is omdat de klachten niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De Hoge Raad verwerpt het beroep en veroordeelt Pretium tot betaling van de proceskosten, vermeerderd met wettelijke rente indien niet tijdig voldaan.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Pretium wordt verworpen en Pretium wordt veroordeeld in de proceskosten.