ECLI:NL:HR:2016:2996

Hoge Raad

Datum uitspraak
23 december 2016
Publicatiedatum
23 december 2016
Zaaknummer
15/04904
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 6:167 lid 2 BW
Verwijzingen
5 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt afwijzing beroep Ryanair tegen rectificatie-uitspraak KRO

In deze zaak heeft Ryanair cassatie ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam, waarin het hof een rectificatie-uitspraak bevestigde over een tv-uitzending van KRO. De uitzending betrof een bericht over een vermeend te krap geplande voorraad brandstof aan boord van een Ryanair-vlucht.

De rechtbank Amsterdam had eerder al uitspraak gedaan, waarna het hof het vonnis bevestigde. Ryanair stelde in cassatie dat het hof onjuist had geoordeeld, maar de Hoge Raad oordeelde dat de klachten niet tot cassatie konden leiden. Volgens art. 81 lid 1 RO Pro behoefde de Hoge Raad geen nadere motivering te geven, omdat de klachten niet relevant waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad wees het beroep van Ryanair af en veroordeelde Ryanair tot betaling van de kosten van het cassatiegeding. Hiermee bleef de rectificatie-uitspraak van KRO in stand, waarmee de mediarechtelijke aansprakelijkheid voor onrechtmatige daad werd bevestigd.

Uitkomst: Het cassatieberoep van Ryanair wordt verworpen en Ryanair wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

23 december 2016
Eerste Kamer
15/04904
EV/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
De rechtspersoon naar Iers recht RYANAIR LIMITED,
gevestigd te Dublin, Ierland,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. S.M. Kingma,
t e g e n
de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid KATHOLIEKE RADIO OMROEP,
gevestigd te Hilversum,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. J.P. Heering.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Ryanair en KRO.

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak C/13/538311/HA ZA 13-317 van de rechtbank Amsterdam van 15 mei 2013, 16 oktober 2013 en 16 april 2014;
b. het arrest in de zaak 200.153.190/01 van het gerechtshof Amsterdam van 14 juli 2015.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft Ryanair beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
KRO heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor KRO toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van Ryanair heeft bij brief van 17 november 2016 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Ryanair in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van KRO begroot op € 848,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders, G. de Groot en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op
23 december 2016.