Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Slotsom
4.Beslissing
8 maart 2016.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van de Officier van Justitie tegen een beschikking van de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, waarbij een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a Sv werd gegrond verklaard. De raadsman van de klager heeft het beroep tegengesproken. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking.
De Hoge Raad heeft het middel van cassatie, dat rechts- en motiveringsklachten bevat, gegrond verklaard op de gronden vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal. De Hoge Raad oordeelt dat de bestreden beschikking niet in stand kan blijven.
Daarom vernietigt de Hoge Raad de beschikking en verwijst de zaak terug naar de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, om het klaagschrift opnieuw te behandelen en af te doen. De beschikking is gegeven door de vice-president en twee raadsheren tijdens een openbare terechtzitting op 8 maart 2016.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking en verwijst de zaak terug naar de rechtbank voor herbehandeling van het klaagschrift.