ECLI:NL:HR:2017:1086

Hoge Raad

Datum uitspraak
13 juni 2017
Publicatiedatum
13 juni 2017
Zaaknummer
15/04767
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 359 Sv
Verwijzingen
3 uitgaand · 6 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens onvoldoende motivering bij winstverdeling hennepteelt

De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch inzake een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit bedrijfsmatige hennepteelt. De betrokkene stelde dat de winst uit de hennepkwekerij pondspondsgewijs werd verdeeld met een medeverdachte, aangeduid als A.

Het hof week af van dit standpunt, maar gaf niet de vereiste specifieke motivering waarom het van het door de verdediging onderbouwde standpunt afweek, zoals vereist op grond van artikel 359, tweede lid, tweede volzin van het Wetboek van Strafvordering. De verdediging had haar standpunt onderbouwd met getuigenverklaringen en transcripties van tapgesprekken.

De Advocaat-Generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest en terugwijzing van de zaak naar het hof voor een nieuwe beoordeling. De Hoge Raad volgde deze conclusie en vernietigde het arrest, waarbij het hof werd opgedragen de zaak opnieuw te behandelen en af te doen.

Deze uitspraak benadrukt het belang van een deugdelijke motivering door het hof bij afwijking van door de verdediging onderbouwde standpunten, met name bij de verdeling van wederrechtelijk verkregen voordeel.

Uitkomst: Het arrest van het hof is vernietigd en de zaak is terugverwezen voor hernieuwde berechting wegens onvoldoende motivering.

Uitspraak

13 juni 2017
Strafkamer
nr. S 15/04767 P
CeH/IV
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 5 oktober 2015, nummer 20/004121-09, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:
[betrokkene], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1965.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft J.J.J. van Rijsbergen, advocaat te Breda, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

2.Beoordeling van het tweede middel

2.1.
Het middel klaagt dat het Hof in strijd met art. 359, tweede lid tweede volzin, Sv heeft verzuimd in het bijzonder de redenen op te geven waarom het is afgeweken van het door de verdediging naar voren gebracht uitdrukkelijk onderbouwde standpunt dat de betrokkene de winst uit de hennepkwekerij pondspondsgewijs heeft gedeeld met [A].
2.2.
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 11 en 12 is het middel terecht voorgesteld.

3.Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, het eerste middel geen bespreking behoeft en als volgt moet worden beslist.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
13 juni 2017.