Uitspraak
gevestigd te Amsterdam,
gevestigd te Amsterdam,
gevestigd te Amsterdam,
gevestigd te Rotterdam,
wonende te [woonplaats]
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
31 maart 2017.
Hoge Raad
De zaak betreft een geschil over de publicatie van het boek 'De Verpanding', waarin namen van (oud-)medewerkers van Rabobank worden genoemd in de context van de bankafdeling Bijzonder Beheer. Rabobank vorderde een verbod op het drukken en verspreiden van het boek met deze namen, stellende dat dit onrechtmatig was vanwege aantasting van de persoonlijke levenssfeer van haar medewerkers.
De voorzieningenrechter wees de vordering toe, maar het hof vernietigde dit en wees de vordering af. Het hof oordeelde dat het boek vooral maatschappelijk onwenselijk gedrag van de bank beschrijft en dat de vermelding van namen een narratieve functie heeft binnen de 'fly-on-the-wall' verteltechniek, waardoor het belang van vrijheid van meningsuiting zwaarder weegt dan het geringe privacybelang van de medewerkers.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof vanwege het ontbreken van een voldoende motivering dat de gekozen verteltechniek de privacy-inbreuk rechtvaardigt. Volgens de Hoge Raad had het hof moeten overwegen dat geanonimiseerde of gefingeerde namen mogelijk waren, gezien de onbekendheid van de medewerkers en het beperkte belang bij naamsvermelding. De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest hof en verwijst zaak naar gerechtshof Amsterdam wegens onvoldoende motivering rechtvaardiging privacy-inbreuk.