Uitspraak
gevestigd te Rotterdam,
gevestigd te Rotterdam,
gevestigd te Rotterdam,
gevestigd te Vlaardingen,
gevestigd te Naarden,
gevestigd te Ghent-Zwijnaarde, België,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
- i) Ablynx is een biofarmaceutisch bedrijf dat actief is in het onderzoek naar en de ontwikkeling van zogeheten nanobodies. Dit is een nieuwe klasse van eiwitten met therapeutische werking, die zijn afgeleid van de variabele domeinen van zogenoemde ‘zware-keten antilichamen’. Deze antilichamen komen voor in kameelachtigen (zoals kamelen en lama’s). Nanobodies kunnen worden gebruikt voor de behandeling van ernstige en levensbedreigende menselijke ziekten.
- ii) De zware-keten antilichamen en de variabele domeinen ervan (de zogeheten ‘VHH-fragmenten’ of kortweg ‘VHH’s’) zijn begin jaren negentig ontwikkeld door de onderzoekers prof. R. Hamers en dr. C. Casterman. Zij waren in die tijd werkzaam aan de Vrije Universiteit Brussel (hierna: VUB). VUB heeft hiervoor octrooibescherming aangevraagd en verkregen, onder meer in Europa en de Verenigde Staten.
- iii) Tot de Hamers-octrooien behoort het Europese octrooi EP 1 087 013 (hierna: EP 013). De geldingsduur van dit octrooi is op 18 augustus 2013 verstreken. EP 013 claimt een werkwijze voor het genereren van zware-keten antilichamen of van hun VHH-fragmenten, nucleotide sequenties, vectoren, en DNA-bibliotheken. Paragraaf 1, laatste zin, van de beschrijving van EP 013 luidt:
- iv) Unilever houdt zich bezig met het produceren en verhandelen van consumentenartikelen zoals voedingsmiddelen, producten voor persoonlijke verzorging en schoonmaakartikelen. BAC is een vennootschap die zich toelegt op het exploiteren van rechten van intellectuele eigendom.
- v) VUB heeft in april 1997 een licentie verleend aan Unilever Nederland B.V., die in juni 2005 aan BAC is overgedragen. BAC heeft onder de zogenoemde ‘Variation and Novation Agreement’ een niet-exclusieve wereldwijde licentie van VUB verkregen voor de exploitatie van de Hamers-octrooien, met het recht tot het verlenen van sublicenties, beperkt tot de volgende producten en sectoren: (i) verpakte voedingsproducten; (ii) was- en reinigingsmiddelen; (iii) niet-medisch georiënteerde cosmetische producten; (iv) de proceshulpstoffen, meer bepaald de katalytische en scheidingsproceshulpstoffen, voor toepassing in de genoemde gebieden (i), (ii) en (iii) (hierna: de Gereserveerde Sector).
- vi) BAC heeft verder een niet-exclusieve, wereldwijde licentie verkregen, met het recht om sublicenties te verlenen, voor: OTC-diagnostica voor niet-medisch georiënteerde cosmetische producten en voor toepassingen van antilichamen in veevoeder evenals voor proceshulpstoffen, meer bepaald de katalytische en scheidingsproceshulpstoffen, voor toepassing in beide hiervoor genoemde gebieden.
- vii) Unilever Nederland B.V. heeft van BAC een niet-exclusieve wereldwijde sublicentie gekregen voor de exploitatie van de Hamers-octrooien voor de Gereserveerde Sector, met het recht verdere sublicenties te verlenen.
- viii) VUB heeft aan het Vlaams Interuniversitair Instituut voor Biotechnologie (hierna: VIB) in september 1998 een exclusieve wereldwijde onbeperkte licentie op de Hamers-octrooien verleend voor alle toepassingsterreinen, met uitzondering van de Gereserveerde Sector.
- ix) Ablynx heeft in 2001, herbevestigd in 2011, van VIB een exclusieve wereldwijde sublicentie onder de Hamers-octrooien verkregen:
- x) Unilever Nederland Holdings B.V. heeft in december 2010 aan VHsquared Ltd., gevestigd in het Verenigd Koninkrijk (hierna: VHsquared), een sublicentie verleend voor de Gereserveerde Sector.
- xi) Door of in opdracht van Unilever c.s. is een onderzoek gedaan in Bangladesh (in 2007-2008) en India (in 2011-2012) naar het gebruik van ARP1 (een VHH gericht tegen het rotavirus) bij kinderen. De resultaten van het onderzoek zijn neergelegd in een manuscript van een artikel van Sarker c.s.
functional foodste ontwikkelen zolang die geen profylactische of therapeutische werking hebben ten aanzien van specifieke pathogenen, terwijl geenszins kan worden uitgesloten dat dergelijke
functional foodsonder de toepassing van genoemde richtlijn vallen. (rov. 4.9)
functional foods) kunnen worden verkocht die niet als geneesmiddel zijn aan te merken. (rov. 4.10)
functional foodsmocht ontwikkelen en verhandelen, die een ‘algemene’ gezondheid bevorderende werking hebben, in die zin dat daarmee beoogd wordt het intrinsieke functioneren van het lichaam te bevorderen. Daaronder zijn te begrijpen voedingsmiddelen ter verhoging van de weerstand, ter verlaging van het cholesterolniveau en/of de bloeddruk, het optimaliseren van het functioneren van de darmen en van organen als de lever en nieren. Alleen in zoverre kunnen (verpakte) voedingsmiddelen die onder de licentie vallen (vielen) derhalve therapeutische of profylactische werking hebben – namelijk voor zover deze niet is gericht op het genezen of voorkomen van een door specifieke pathogenen veroorzaakte aandoening. Deze scheidslijn doet recht aan de verwachtingen van partijen. (rov. 4.11)
4.Beslissing
2 februari 2018.