ECLI:NL:HR:2022:412

Hoge Raad

Datum uitspraak
22 maart 2022
Publicatiedatum
18 maart 2022
Zaaknummer
20/04250
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Nietig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 285.1 SrArt. 36e.3 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Nietigheid betekening dagvaarding hoger beroep wegens ontbreken postcode bij adres in België

In deze strafzaak ging het om de geldigheid van de betekening van de dagvaarding in hoger beroep aan een verdachte die in België woonachtig is. De dagvaarding werd per post verzonden naar het adres in België zoals geregistreerd in de Basisregistratie Personen (BRP), maar zonder vermelding van de postcode. Het hof had geoordeeld dat de betekening geldig was.

De Hoge Raad oordeelde dat de uitreiking van de dagvaarding aan een verdachte met een buitenlands adres via rechtstreekse postbezorging moet plaatsvinden met vermelding van het volledige adres, inclusief postcode. Omdat de akte van uitreiking niet aangaf dat de dagvaarding met vermelding van de postcode was verzonden, is de betekening niet geldig.

De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het hof en verklaarde de betekening van de dagvaarding in hoger beroep nietig. Dit arrest benadrukt het belang van volledige adresgegevens bij betekening in het buitenland en de strikte naleving van de procesrechtelijke voorschriften.

Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de betekening van de dagvaarding in hoger beroep nietig wegens ontbreken van de postcode bij verzending naar een buitenlands adres.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer20/04250
Datum22 maart 2022
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 3 december 2020, nummer 20-000386-20, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1979,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben R.J. Baumgardt, P. van Dongen en S. van den Akker, allen advocaat te Rotterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt over het oordeel van het hof dat de dagvaarding in hoger beroep geldig is betekend (uitgereikt). Het voert aan dat de adresgegevens van het adres in België waaraan is betekend via toezending aan dat adres, niet compleet zijn omdat de postcode niet is vermeld.
2.2
De berechting in hoger beroep heeft bij verstek plaatsgevonden. Bij de stukken van het geding bevinden zich onder meer de stukken, vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 4 onder (iii) tot en met (v). De Informatiestaat SKDB-persoon van 15 oktober 2020 houdt in dat de verdachte vanaf 8 oktober 2019 in de Basisregistratie personen (hierna: BRP) staat ingeschreven als niet-ingezetene op het adres [a-straat 1], [postcode] [plaats] te België. De dagvaarding in hoger beroep is – blijkens de daarvan opgemaakte akte van uitreiking – op 15 oktober 2020 aan de verdachte betekend door rechtstreekse toezending aan het adres vermeld op die akte van uitreiking. Als adres van de verdachte houdt die akte in: [plaats] (België), [a-straat 1]. Een postcode is daarbij niet vermeld.
2.3
De uitreiking van de dagvaarding in hoger beroep aan de verdachte van wie alleen een woon- of verblijfplaats in het buitenland bekend is, in deze zaak dus in België, vindt plaats door rechtstreekse toezending van die dagvaarding over de post. Nu de verdachte in de BRP was ingeschreven op een adres in België, de postcode daarvan deel uitmaakt en de akte van uitreiking niet inhoudt dat de toezending aan het adres in België heeft plaatsgevonden met vermelding van de van dat adres deel uitmakende postcode, is het oordeel van het hof dat de dagvaarding in hoger beroep geldig is betekend, niet zonder meer begrijpelijk.
2.4
Het cassatiemiddel is terecht voorgesteld.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- verklaart de betekening van de dagvaarding in hoger beroep nietig.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
22 maart 2022.