Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
3.Beoordeling van de cassatiemiddelen voor het overige
4.Beslissing
28 juni 2022.
Hoge Raad
In deze strafzaak stond de verdachte terecht voor medeplegen van gewoontewitwassen van bitcoins en geldbedragen. Het hof Den Haag had een voorwaardelijk verzoek van de verdediging om twee verbalisanten als getuigen te horen afgewezen, met als motief dat de processen-verbaal die in het verzoek werden genoemd niet tot het bewijs werden gebruikt.
De verdediging stelde dat het hof deze processen-verbaal wel degelijk voor het bewijs had gebruikt, waardoor de afwijzing van het getuigenverzoek niet begrijpelijk was. De advocaat-generaal concludeerde dat dit middel slaagde en adviseerde de Hoge Raad tot vernietiging van het arrest, maar uitsluitend voor het onderdeel van het onder 1 tenlastegelegde feit en de strafoplegging.
De Hoge Raad volgde dit advies, vernietigde het arrest van het hof voor die onderdelen en wees de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag voor een nieuwe berechting en beslissing. Voor het overige werd het cassatieberoep verworpen. Hiermee is de procedure voortgezet met een nadruk op een correcte motivering van het bewijsgebruik en het horen van getuigen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.