Uitspraak
wonende te [woonplaats],
wonende op een geheim adres,
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
1 juli 2022.
Hoge Raad
In deze zaak heeft de vader cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof 's-Hertogenbosch waarin zijn verzoek tot omgangsregeling met zijn kind werd afgewezen. Het kind maakt deel uit van een justitieel beschermingsprogramma, waardoor op grond van artikel 1:377a lid 3 sub d BW een ontzeggingsgrond voor omgang bestaat.
De Hoge Raad verwijst naar de eerdere beslissingen van de rechtbank Oost-Brabant en het hof 's-Hertogenbosch en beoordeelt de klachten van de vader over het hofsvonnis. De klachten kunnen niet leiden tot vernietiging van de beschikking. De Hoge Raad motiveert niet uitvoerig omdat de beoordeling geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht oproept, conform artikel 81 lid 1 RO Pro.
De conclusie van de Advocaat-Generaal was verwerping van het cassatieberoep, waarop de advocaat van de vader schriftelijk reageerde. Uiteindelijk heeft de Hoge Raad het beroep verworpen, waarmee de afwijzing van de omgangsregeling definitief is bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de afwijzing van het verzoek tot omgangsregeling met het kind in het justitieel beschermingsprogramma.