ECLI:NL:HR:2023:722

Hoge Raad

Datum uitspraak
16 mei 2023
Publicatiedatum
12 mei 2023
Zaaknummer
20/03054
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9.2 WVW 1994
Verwijzingen
1 uitgaand · 4 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens onvoldoende bewijs voor kennis ongeldig rijbewijs

De verdachte werd door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor het rijden terwijl hij wist dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. Het hof baseerde zich op omstandigheden zoals het besluit van het CBR om het rijbewijs ongeldig te verklaren, de kennisname van dat besluit door verzending per gewone en aangetekende post, een eerdere onherroepelijke veroordeling en een verklaring van de verdachte aan de politie.

In cassatie klaagde de verdachte dat de bewezenverklaring onvoldoende gemotiveerd was en niet aannemelijk maakte dat hij daadwerkelijk wist dat zijn rijbewijs ongeldig was. De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest en terugwijzing van de zaak.

De Hoge Raad volgde deze conclusie en vernietigde het arrest van het hof, maar alleen voor zover het betrekking had op de bewezenverklaring en strafoplegging omtrent het rijden zonder geldig rijbewijs. De zaak werd terugverwezen naar het hof Arnhem-Leeuwarden voor een nieuwe beoordeling en afdoening. Het overige beroep werd verworpen.

Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren op 16 mei 2023.

Uitkomst: Arrest van het hof vernietigd en zaak terugverwezen wegens onvoldoende bewijs dat verdachte wist dat rijbewijs ongeldig was.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer20/03054
Datum16 mei 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 28 september 2020, nummer 21-006044-18, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft S.F.W. van 't Hullenaar, advocaat te Arnhem, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal P.M. Frielink heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt dat de bewezenverklaring van het onder parketnummer
96-087887-18 tenlastegelegde ontoereikend is gemotiveerd, nu uit de bewijsmiddelen niet kan volgen dat de verdachte “wist” dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 2.2 tot en met 2.10.

3.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel

Gelet op de beslissing die hierna volgt, is bespreking van het cassatiemiddel niet nodig.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof, maar uitsluitend wat betreft de beslissingen over het in de zaak met parketnummer 96-087887-18 tenlastegelegde en de strafoplegging;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, opdat de zaak ten aanzien daarvan opnieuw wordt berecht en afgedaan;
- verwerpt het beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.E.M. Röttgering en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
16 mei 2023.