ECLI:NL:HR:2024:394
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt Hofuitspraak over proceskosten bij WOZ-waarde bezwaar
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van zijn woning, vastgesteld op €536.000 voor 2020 door de gemeente Haarlem. Het Gerechtshof Amsterdam oordeelde dat de heffingsambtenaar voldeed aan zijn informatieplicht door het taxatieverslag te verstrekken, en bevestigde de WOZ-waarde.
In cassatie klaagde belanghebbende dat aanvullende gegevens, zoals grondstaffel en taxatiekaart, niet waren verstrekt. De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte had geoordeeld dat het taxatieverslag alleen voldoende was volgens artikel 40, lid 2, Wet WOZ. Dit middel slaagde.
De overige klachten werden verworpen zonder nadere motivering omdat ze niet van belang waren voor de rechtsontwikkeling. De Hoge Raad vernietigde de uitspraak van het hof uitsluitend voor zover het ging om de proceskosten en het griffierecht, en veroordeelde het dagelijks bestuur van Cocensus en de heffingsambtenaar tot vergoeding van griffierechten en kosten van rechtsbijstand.
De WOZ-waarde zelf werd niet betwist, zodat het geschil over de waarde niet werd heropend. Het arrest bevestigt de noodzaak van volledige informatieverstrekking in bezwaarprocedures en verduidelijkt de reikwijdte van artikel 40, lid 2, Wet WOZ.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt gegrond verklaard en het hofuitspraak wordt vernietigd voor het onderdeel proceskosten en griffierecht.