ECLI:NL:HR:2024:867
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over WOZ-waarde en proceskostenvergoeding
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van zijn woning en de aanslag onroerendezaakbelasting 2020, waarbij hij inzage eiste in diverse taxatiedocumenten. De heffingsambtenaar verstrekte alleen het taxatieverslag. De rechtbank oordeelde dat meer stukken verstrekt hadden moeten worden en stelde de proceskostenvergoeding vast met een wegingsfactor van 0,5.
In hoger beroep vernietigde het hof de uitspraak van de rechtbank en bevestigde het de WOZ-waarde en de beperkte inzage in stukken. Het hof ging niet in op de proceskostenvergoeding vanwege een gegrond incidenteel hoger beroep van de heffingsambtenaar.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onjuist heeft geoordeeld over de verplichting tot verstrekking van documenten op grond van artikel 40, lid 2, Wet WOZ en vernietigt het hofarrest behalve voor het onderdeel WOZ-waarde. De rechtbankuitspraak wordt bevestigd, inclusief de toepassing van de wegingsfactor 0,5 bij de proceskostenvergoeding. Het dagelijks bestuur en de heffingsambtenaar worden veroordeeld in de proceskosten van het cassatie- en hofgeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest behalve voor de WOZ-waarde en bevestigt de rechtbankuitspraak inclusief de proceskostenvergoeding met wegingsfactor 0,5.