ECLI:NL:HR:2025:684
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in belastingzaak tegen uitspraak Rechtbank Den Haag
Belanghebbende [X] heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 8 juni 2023, betreffende het verzet tegen een eerdere uitspraak van dezelfde rechtbank van 17 maart 2023. De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend, en belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de bestreden uitspraak. Gezien het ontbreken van vragen die relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, was nadere motivering niet vereist op grond van artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is op 25 april 2025 in het openbaar uitgesproken door raadsheren Feteris, Boerlage en Van der Voort Maarschalk.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en afgewezen.