ECLI:NL:HR:2026:610
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in bestuursrechtelijke belastingzaak tegen gemeente Amstelveen
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 21 december 2023, waarin het hoger beroep tegen een uitspraak van de Rechtbank Amsterdam werd behandeld. Na het verstrijken van de termijn voor motivering van het cassatieberoep heeft belanghebbende nog aanvullende stukken ingediend, die door de Hoge Raad niet in behandeling zijn genomen.
Verzoeken om wraking van rechters zijn door de Hoge Raad afgewezen. De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad motiveert dit oordeel niet, omdat de klachten geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht bevatten, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten aan belanghebbende toe te kennen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is op 10 april 2026 in het openbaar gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad, in aanwezigheid van de waarnemend griffier.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de wrakingsverzoeken worden afgewezen.